Otto in de pers
Otto de Bruijne met eenakter in Veluwehal
,,’Ongelovige’ Tomas stelt eerlijke vragen’’
Door Jan Kas, Barneveldse Krant, 15 april
BARNEVELD - Met die ‘ongelovige Tomas’ voelt Otto de Bruijne zich behoorlijk ,,verwant’’. De apostel is spreekwoordelijk bekend gebleven als vragensteller en twijfelaar aan de opstanding van Jezus. ,,Maar God heeft hem juist ook uitgekozen om vragen te stellen’’, zegt De Bruijne. ,,Anders had Hij ook nooit zulke mooie antwoorden kunnen geven.’
Het leven van de apostel Tomas komt zaterdag 17 april tot leven in de Veluwehal
in Barneveld als De Bruijne, oud-programmamaker van de Evangelische Omroep,
er zijn eenakter 'Tomas' speelt. In een terugblik vanuit India, waar Tomas
volgens de overleveringen uiteindelijk werkte en stierf, komen al de vragen
van de apostel weer tot leven: Is Jezus opgestaan? Waar bracht hij de mensen
naartoe? Wie dacht Jezus dat Hij was?
De zondag na Pasen is vanouds de Tomas-zondag, de dag dat Tomas de wonden
van Jezus zag en als laatste discipel de opstanding geloofde. ,,Toch blijft
Tomas de vragensteller en is zijn houding juist nu, in een tijd waarin vragen
stellen eerder getuigt van betrokkenheid en eerlijkheid, interessant voor
iedereen die vragen niet uit de weg wil gaan'', meent De Bruijne.
4D-arts
Creatief communicator van de bijbelse boodschap wil Otto de Bruijne vooral
zijn. Voor de Evangelische Omroep maakte hij de laatste jaren programma’s
als Otto in Afrika, Otto op zoek, Omega en De 4de Dimensie. Nu gaat hij
zich met onder meer schilderijen en éénakters onder de naam
‘4D-arts’ toeleggen op creatieve presentaties. Verder is hij
actief in het organiseren van en spreken op conferenties en retraites voor
christelijke organisaties, vooral op het gebied van zending en hulpverlening.
In de jaren zeventig was De Bruijne docent godsdienst en maatschappijleer
aan het Johannes Fontanus College in Barneveld. Daarna werkte hij in Nederland
en Afrika in de internationale hulpverlening.
Vooral in Afrika werd De Bruijne geboeid door verhalenvertellers. Terug
in Nederland zocht hij naar ,,vormen om ook hier mezelf en anderen mee te
nemen in een verhaal’’. ,,Ik heb het van Afrikanen geleerd,
maar ik sta daarmee ook in de joodse traditie.’’ Sinds 1994
beoefent De Bruijne dat genre van het vertellen (,,beter gezegd: het spelen’’)
van verhalen. ,,Die monologen zijn eigenlijk autobiografieën waarin
ik veel eigen vragen vervat in de geschiedenis van een ander of in metaforen.
Zo staat in het stuk ‘De Alpinist’ het beklimmen van een grote
berg voor het leven dat iedereen leidt.’’ Een eenakter die De
Bruijne veel speelt en ook al eens in Barneveld heeft uitgevoerd, is ‘Het
Bewijs’ waarin hij acht keer tevergeefs probeert te bewijzen dat Jezus
niet is opgestaan.
Geen dubbele agenda
‘Tomas’ speelt De Bruijne al heel wat jaren in de week na Pasen.
De eenakter ontstond toen hij werd gevraagd op een Tomas-zondag te spreken
in een jeugddienst. ,,De jongelui die me vroegen noemden als thema ‘Zo
nu en dan’, ze wisten zelf amper waarom. ‘Vaag’ was mijn
eerste reactie, en dat bracht me bij Tomas, bij een reactie als ‘Ik
wil wel geloven, maar niet te veel’. Of zoals die jongelui het zeiden:
Soms geloof ik wel, soms weer niet.’’
,,Met Tomas voel ik me erg verwant’’, zegt De Bruijne. ,,Er
zijn twee apostelen die mij bijzonder aanpreken: Jacobus, die de nadruk
legde op de ethiek en het uiten van het christen-zijn in daden, en Tomas,
de vragensteller. God heeft hem uitgekozen om vragen te stellen. De mooiste
uitspraken van Jezus zijn reacties op vragen van Tomas,. Het zijn twee lijfspreuken
van mij. Jezus zegt: ‘Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven’
en ‘Gelukkig zijn zij die niet gezien hebben en toch geloven.’’
De Bruijne waardeert vooral ,,de oprechtheid en de eerlijkheid van Tomas’’.
,,De ‘ongelovige Tomas’ is geen postmoderne West-Europeaan die
het allemaal wel gelooft. Hij is geen cynicus die het niet uitmaakt wat
je precies gelooft. Hij gaat er juist voor: uiteindelijk sticht hij een
kerk en sterft hij voor het evangelie. In het Johannesevangelie is Tomas
de tegenpool van Johannes, de lievelingsdiscipel van Jezus, de supervrome
die het zo goed weet en anderen het gevoel geeft dat ze er nog lang niet
zijn. Aan die Johannes-houding heb ik me als evangelisch christen misschien
ook wel schuldig aan gemaakt. De evangelische beweging heeft dat blijkbaar
in zich, onbedoeld. Tomas krijgt echter op zijn vragen wel het krachtigste
antwoord. Hij komt het dichtst bij Jezus, hij mag Hem aanraken.’’
De Bruijne wil met zijn eenakters niet evangeliseren. ,,Ik wil delen met
anderen, die moeten dan maar zien wat ze er mee doen. Ik deel wat mij heeft
gegrepen in het leven, en dat kan in mijn bestaan niet los gezien worden
van het geestelijk leven. Maar ik houd niet van kunst maken met een dubbele
agenda, dat de mensen tien euro betalen terwijl het uiteindelijk om het
evangeliseren gaat. Ik hoop dat er een eerlijk gesprek op ooghoogte kan
volgen. Ik wil niet voortdurend anderen ‘christen maken’ . God
zei bij de schepping niet: Laat ons christenen maken, maar: Laat ons mensen
maken. Terwijl ik van die ander verwacht dat hij mij niet de katers van
het geloof uit zijn jeugd voor de voeten blijft werpen.’’
Naast 'Tomas' vertelt Otto komende zaterdag ook 'Verhaal Oosterhuis' van
de Nederlandse schrijver Belcampo, dat in India speelt.
terug