Ecce Homo

ECCE HOMO

I

baggerman
peurgeur
ademgas
dreinsbraak
breukkots
zuurklots
gatvraat
teengroen
stuiterstok
hardbloed
roodbijt
gluipgal
galgil
hoorgraf
getsplit
stuipboer
goorbraak
breukwalg
kontklets
snijspleet
wondglas
splinteroog
bloedstink
braakdrol
peurfuik
scheetgoor
rookzuur
wurgwalg
schedelgeel
zwavelbuik
hellevocht
sijpelspleet
reetscheld
blindwraak

II

schandestand
stilzwam
mosbalg
aardstop
schrompelschaam
schuldvuur
zompdraal
kommeroor
buigstip
knielknak
nulboog
biggelvocht
traanstort
stukstop
jammergram
huildruil
breekstuk

III

kruispit
gilgat
godgram
sterfhout
doodkrijs
noodniks
nulwit
ootzwaar
geestzwart

IV

morgendrie
gloorlicht
luchtgleuf
hoogweet
godgrijp
levenzweef
kleurkraak
opensnee
hemelhuig
hoogomkeer

V

lachblik
oogverruim
zachtzweem
glimkuif
kroonhoog
blijwang
koonrood
godlach
droomkolom
grapbedoel
danswolk
kleurgelach
thuisbehaag
warmbekend
hartsgemeen
samendeel
zuiverleef
lacherman
vreugdevriend
blijman